Onderzoekers van Universiteit Antwerpen testen Congolese vleermuizen op ebola

Belgische wetenschappers hebben recent in het noorden van Congo naar de oorzaak van een lokale, dodelijke ebola-uitbraak gezocht. Ze stootten dicht bij de besmettingshaard op een grote kolonie vleermuizen, die nu worden getest op het ebolavirus. Als de resultaten positief zijn, kunnen maatregelen worden getroffen.

In mei brak nabij het kampement Kagbono in de provincie Bas-Uélé een beperkte ebola-epidemie uit. Acht mensen werden ziek, van wie er vier stierven. Onder meer Belgische onderzoekers gingen ter plaatse om de bron van het virus te vinden.

“Bijzonder aan deze epidemie is dat we wisten wie de eerste patiënt was - een visser uit Kagbono - en waar hij verbleef voor hij ziek werd”, zegt wetenschapper Herwig Leirs (UAntwerpen). “Omdat we al langer vermoeden dat vleermuizen gastheer van het virus zijn, konden we gericht zoeken en ontdekten we een kolonie van tienduizenden fruitvleermuizen drie kilometer stroomafwaarts op de rivier.”

Bushmeat
De Belgische onderzoekers namen - net op tijd, want de kolonie migreerde - stalen bij zo’n honderd vleermuizen, evenals bij knaagdieren en ‘bushmeat’. “We hebben daarvoor een veldlab opgericht met een centrale tent, die alleen mocht worden betreden met een speciaal beschermend pak. Bioveiligheid is cruciaal bij dit soort werk”, vult Erik Verheyen van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen aan.

Alle stalen werden ontsmet en naar een lab in Kinshasa gebracht. Daar worden ze nu getest door Congolese onderzoekers en iemand van het Antwerpse Instituut voor Tropische Geneeskunde.

Het is nu wachten op resultaten “Als die positief zijn, kunnen risicokaarten worden opgesteld en gedragsmaatregelen voorgesteld voor een welomschreven gebied”, besluit Leirs.